Afronden van doelen brengt deze dagen zóveel. Dat ik voorstander ben van doelen stellen is geen geheim. Hier is weer een duidelijk voorbeeld van wat het je brengen kan.

 

Mijn kwartaaldoelen wilde ik dit jaar halverwege december graag af hebben. Met het afronden van die doelen wat afgelopen weken heel goed is gelukt, kwam er plaats voor andere sensaties. Die lijken in twee fases te komen.


Vorige week was dat duidelijk te zien toen ik in een halfuur niet 4 maar wel 5 keer de langste wand van de klimhal opklom. Meteen bovenaan ging ik juichen, eenmaal beneden kwamen de high-fives met mijn klimbuddy en trainer en later die dag werd het nieuws verder de wereld in geslingerd. Na het high-fiven heb ik eerst goed adem gehaald, wat herstelt en om me heen gekeken om te zien waar ik toen zin in had.

De eerste fase is die van het juichen. De ontlading, de trots, de voldoening. Na de relatief snelle ontlading en trots, komt steeds meer het vanbinnen laten landen, weten dat je hiermee verder kunt naar je grotere wens toe en de voldoening die daarbij past.


De tweede fase is die van de cooldown. De ademruimte, het herstellen, het rondkijken. Dit voelt voor mij als hétgeen ik in de kerstvakantie doen ga. Bijkomen, genieten van de dingen die eerder op een iets lager pitje hebben gestaan en aftasten waar ik erna graag wil realiseren.
 

 

Zowel het juichen, de cooldown en het weten dat ik in die cooldown even niets van mezelf hoef te doen, dat kan ik allemaal omdat ik aan het begin een doel heb geformuleerd. Dat doel heb ik zo uitgeplozen zodat ook de luie en heel erg drukke versie van mezelf er niet onderuit zouden komen. Dat is ook precies wat ik later weer ga doen, na een welverdiende vakantie.